Swipe to the left

Waarom keepen een ervaringsvak is

Waarom keepen een ervaringsvak is
Geen reactie

Het kost je ongeveer 3 minuten om dit artikel te lezen



Het is een gevleugelde uitspraak in de voetballerij: ‘Keepen is een ervaringsvak’. Ervaring is natuurlijk op iedere positie belangrijk, maar voor de doelman in het bijzonder. Een jonge keeper in de top is dan ook uitzonderlijk. Hoe kan het dat juist keepers in sterke mate afhankelijk zijn van ervaring?

Over het algemeen geldt: hoe dichter een speler bij het doel van de tegenstander speelt, hoe jonger hij is bij zijn debuut. Bijna iedere aanvaller die vanuit de jeugd zijn eerste minuten in het eerste elftal maakt is nog een tiener, terwijl keepers zelden al op die leeftijd voor de leeuwen worden gegooid. Hoe kan het dat keepers pas op latere leeftijd de kans krijgen?

Wissels

Allereerst heeft dit te maken met het wisselbeleid van trainers. Aanvallers worden veel sneller ingebracht dan doelmannen. Geen trainer haalt het in zijn hoofd om in de slotfase zijn keeper naar de kant te halen om tijd te rekken. En als hij voor een bepaalde eerste keeper kiest, krijgt die vaak gedurende lange tijd de kans zichzelf te laten zien, ook na een paar mindere wedstrijden.

Dat betekent dat jonge keepers die nog geen basisspeler zijn vaak lang moeten wachten op hun kans. In oefenwedstrijden en tijdens trainingen kunnen ze zich ontwikkelen, maar ervaring opdoen tijdens belangrijke wedstrijden is er nog niet bij. Gebeurt dit wel, dan is dat vaak uit nood. Soms kan het jaren duren voordat een wisseling van de wacht noodzakelijk of gewenst is.

Uitzonderingen zijn er natuurlijk ook. André Onana is net 21 jaar geworden en keept al erg goed in het eerste van Ajax. Albant Lafont is met zijn 18 jaar de eerste keeper van Toulouse FC, middenmotor in Ligue 1. En Gianluigi Donnarumma, eerste keeper van AC Milan, debuteerde al op zijn zeventiende voor het Italiaanse elftal. Maar vooralsnog zijn zij vooral de uitzonderingen die de regel bevestigen.

Keepen is als een goede wijn: hoe ouder, hoe beter!

Creëren en voorkomen

Een andere reden dat veel keepers pas op latere leeftijd komen bovendrijven: er bestaat een groot verschil tussen aanvallen en verdedigen. Bij het creëren van kansen kan een aanvaller teren op bevliegingen. Hij kan zijn intuïtie de vrije loop laten en bepalen wat hij doet. Lijkt het hem nu verstandig naar rechts te dribbelen, naar links te passen of een schot te wagen? Het is de aanvaller die dit bepaalt. Mislukt het, dan is er geen man overboord.

Doelpunten voorkomen is veel meer een vak van reageren omdat de aanvaller de eerste actie inzet. Dat betekent dat een verdedigend ingestelde speler, wat de doelman bij uitstek is, in sterkere mate afhankelijk is van de acties van aanvallers. Hij wacht af wat er gebeurt en baseert daar zijn eigen acties op. Hij kan de aanvaller bijvoorbeeld wel een kant op dwingen, maar uiteindelijk blijft hij afhankelijk van de keuzes die de aanvaller maakt.

Juist bij reageren is veel ervaring nodig. Dat wil zeggen: situaties vaak meemaken om ervan te leren en het de volgende keer beter te doen. Heb je een bepaalde situatie duizend keer meegemaakt, zoals het inschatten van de hoek die de aanvaller kiest, dan word je daar als keeper steeds beter in. Je leert lezen wat de aanvaller van plan is en kunt daarop beter anticiperen.

Fysieke gesteldheid

Een doelman mag dan vaak pas op latere leeftijd de kans krijgen op veel speelminuten, hij kan wel veel langer mee. Na de peak age, die voor voetballers gemiddeld ergens rond de 28 jaar ligt, neemt de fysieke gesteldheid vaak iets af, maar blijft de ervaring – de mate waarin een speler verschillende situaties al vaak heeft meegemaakt en ze dus steeds beter kan inschatten – toenemen.

Een aanvaller is zoals gezegd meer afhankelijk van fysiek en minder van ervaring, omdat hij bepaalt en creëert in plaats van afwacht en reageert. Dat betekent dat zijn concurrenten hem op een gegeven moment voorbijstreven. Voor keepers geldt dat de afname in fysieke capaciteiten ook aanwezig is, maar wordt gecompenseerd in de toename van zijn ervaring. Dit weegt zwaarder voor hem en dus kan hij nog lang mee.

Wijn

Keepers hebben weliswaar een langere aanloopperiode nodig, maar als ze eenmaal veel ervaring hebben opgedaan, kunnen ze nog tot op late leeftijd mee. Het beste voorbeeld is misschien wel Gianluigi Buffon, die op 39-jarige leeftijd tot de wereldtop behoort en in de finale van de Champions League staat. In die zin is keepen dus te vergelijken met een goede wijn: hoe ouder, hoe beter. Dus jonge keepers, houd geduld en weet dat je kansen nog zullen komen!

Geplaatst in: Tactiek
* invullen verplicht
Inschrijven Nieuwsbrief Blog Keepable


web-monitoring-ok